Laatst bijgewerkt: 23-08-2026
Wanneer u door toedoen van een ander letsel oploopt, heeft u mogelijk recht op een vergoeding voor uw pijn, verdriet en gederfde levensvreugde. Dit noemen we immateriële schade, in de volksmond vaak smartengeld genoemd. Het immateriële schade claimen bij letsel is een complex proces. Het is namelijk lastig om persoonlijk leed in geld uit te drukken. Onze letselschadeadvocaten bieden u deskundig advies en hulp. Wij zorgen dat u de smartengeld vergoeding krijgt waar u recht op heeft. Laat u daarom altijd goed informeren.
Wat is immateriële schade precies?
Immateriële schade is de schade die niet direct in het vermogen van het slachtoffer valt, maar betrekking heeft op persoonlijk leed. Het gaat om de pijn, het verdriet, de psychische klachten en de verminderde levensvreugde die u ervaart als gevolg van een ongeval. In tegenstelling tot materiële schade (zoals medische kosten of gemist inkomen), is een vergoeding immateriële schade niet met bonnetjes aan te tonen.
Nederland kent voor deze schade smartengeld toe via een gesloten stelsel: ander nadeel dan vermogensschade wordt alleen vergoed in de gevallen die de wet zelf noemt (art. 6:95 lid 1 BW). Die gevallen staan in art. 6:106 lid 1 BW. Voor smartengeld letselschade is vooral sub b van belang: bij lichamelijk letsel heeft de benadeelde recht op een ‘naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding’. Dít artikel vormt de wettelijke basis voor het claimen van smartengeld.
Wanneer heeft u recht op een smartengeld vergoeding?
U kunt smartengeld claimen wanneer een ander aansprakelijk is voor uw letsel. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn na een verkeersongeval, een bedrijfsongeval of een medische fout. De aansprakelijkheid moet vaststaan voordat u met succes uw recht op schadevergoeding kunt uitoefenen.
Er gelden twee vereisten naast elkaar om uw recht op smartengeld te verzilveren. Ten eerste moet iemand aansprakelijk zijn voor het ongeval. Die aansprakelijkheid kan volgen uit de onrechtmatige daad (art. 6:162 BW), of uit bijzondere regels zoals art. 185 WVW 1994 bij verkeersongevallen met motorrijtuigen en art. 7:658 BW bij bedrijfsongevallen. Ten tweede moet uw situatie vallen onder een van de gevallen die art. 6:106 lid 1 BW uitputtend opsomt:
- de aansprakelijke persoon had het oogmerk om dit nadeel toe te brengen (sub a);
- u heeft lichamelijk letsel opgelopen, u bent in uw eer of goede naam geschaad, of u bent op andere wijze in uw persoon aangetast (sub b);
- het nadeel bestaat in aantasting van de nagedachtenis van een overledene jegens diens naasten (sub c).
Bij letsel na een ongeval is aan dat tweede vereiste vrijwel altijd voldaan via sub b (lichamelijk letsel).
Hoeveel smartengeld ontvangt u? Smartengeld berekenen
Hoeveel smartengeld u precies krijgt, hangt af van uw specifieke situatie. Het smartengeld berekenen gebeurt ‘naar billijkheid’. Hierbij wordt gekeken naar alle omstandigheden van het geval om het juiste bedrag te bepalen. Belangrijke factoren voor de hoogte smartengeld zijn:
- De aard en ernst letsel
- De duur en intensiteit van de medische behandelingen
- De blijvende gevolgen en fysieke beperkingen (zoals littekens of blijvende invaliditeit)
- De impact op uw dagelijks leven, werk en hobby’s
- Uw leeftijd
In de praktijk maken juristen vaak gebruik van de ANWB Smartengeldgids. Deze gids bevat talloze smartengeld voorbeelden uit eerdere rechterlijke uitspraken. Om u een indicatie te geven van de hoogte van het smartengeld, hanteren we grofweg de volgende categorieën en bedragen:
- Gering letsel (bijv. schaafwonden, lichte kneuzingen): tot 2.000 euro
- Licht letsel (bijv. lichte hersenschudding, littekens): 2.000 tot 10.000 euro
- Matig letsel (bijv. gecompliceerde botbreuken, amputatie vinger): 10.000 tot 25.000 euro
- Ernstig letsel (bijv. blijvende whiplash, coma): 25.000 tot 50.000 euro
- Zwaar tot uitzonderlijk zwaar letsel (bijv. dwarslaesie, ernstige brandwonden): 50.000 tot meer dan 250.000 euro
Deze voorbeelden dienen als referentiekader bij het bepalen van uw vergoeding. Elk ongeval is echter uniek, waardoor het definitieve bedrag kan afwijken.
Wat zegt de rechter over immateriële schade?
De rechtspraak speelt een cruciale rol bij de invulling van het recht op immateriële schadevergoeding. Enkele belangrijke uitspraken:
Psychische klachten en toerekening In ECLI:NL:HR:2022:590 oordeelde de Hoge Raad over de toerekening van psychische klachten en geestelijk letsel na een uitzending. De Hoge Raad bepaalde dat bij de toerekening naar redelijkheid (art. 6:98 BW) de aard van de geleden schade zwaar meeweegt. Dit betekent dat psychische schade sneller voor vergoeding in aanmerking komt.
Geestelijk letsel en objectieve vaststelling In ECLI:NL:HR:2021:1534 verduidelijkte de Hoge Raad dat voor vergoeding van immateriële schade wegens aantasting in de persoon in beginsel vereist is dat geestelijk letsel objectief is vastgesteld. Een uitzondering hierop is mogelijk als de aard en ernst van de normschending zo evident zijn dat dit ook zonder medische diagnose kan worden aangenomen.
Overgang van smartengeld op erfgenamen In ECLI:NL:HR:2006:AU5684 oordeelde de Hoge Raad dat het recht op smartengeld pas overgaat op de erfgenamen indien de benadeelde vóór zijn overlijden de vereiste mededeling heeft gedaan dat hij aanspraak maakt op deze vergoeding.
Waarom Nobel Advocatuur inschakelen voor uw letselschadezaak?
Bij Nobel Advocatuur behandelen wij uw zaak persoonlijk. Mr. Patrick Nobel, gespecialiseerd letselschadeadvocaat en lid van de LSA, neemt uw zaak uit handen. Wij stellen de tegenpartij aansprakelijk, verzamelen het benodigde bewijs en onderhandelen met de verzekeraar over de hoogte van uw schadevergoeding.
Het inschakelen van ons kantoor is voor u kosteloos. Op grond van art. 6:96 lid 2 BW is de aansprakelijke partij verplicht de redelijke kosten voor rechtsbijstand te vergoeden. U loopt dus geen financieel risico.
Doe de gratis Quickscan of bel direct: 088 538 7355.
Veelgestelde vragen smartengeld en immateriële schade
Kan immateriële schade overgaan op nabestaanden?
Ja, maar alleen onder strikte voorwaarden. Zoals de Hoge Raad bepaalde in ECLI:NL:HR:2006:AU5684, gaat het recht op smartengeld pas over op de erfgenamen als de benadeelde vóór zijn overlijden expliciet heeft medegedeeld dat hij aanspraak maakt op deze vergoeding.
Hoelang duurt het voordat immateriële schade wordt uitgekeerd?
Dit hangt af van de complexiteit van uw zaak en de medische eindsituatie. Pas wanneer duidelijk is wat de blijvende gevolgen van uw letsel zijn, kan de definitieve hoogte van het smartengeld worden vastgesteld. In de tussentijd kunnen wij wel voorschotten voor u regelen.
Wat kost het inschakelen van een advocaat voor het claimen van immateriële schade?
Voor u als slachtoffer is de bijstand van ons kantoor kosteloos. De wet bepaalt dat de aansprakelijke partij de redelijke kosten voor rechtsbijstand moet vergoeden (art. 6:96 lid 2 BW).
Is er een verjaringstermijn voor het claimen van immateriële schade?
Ja, op grond van art. 3:310 BW verjaart een rechtsvordering tot vergoeding van schade in beginsel door verloop van vijf jaren nadat u bekend bent geworden met de schade en de aansprakelijke persoon. Wij bewaken deze termijn voor u.
Bronnen
| Bron | Type | Datum | Toelichting |
|---|---|---|---|
| art. 6:95 BW | Wetgeving | 25-02-2026 | Gesloten stelsel: ander nadeel dan vermogensschade alleen vergoed voor zover de wet dat bepaalt. |
| art. 6:106 BW | Wetgeving | 25-02-2026 | De uitputtend opgesomde gevallen waarin smartengeld verschuldigd is (o.a. lichamelijk letsel). |
| art. 3:310 BW | Wetgeving | 25-02-2026 | Verjaringstermijn van vijf jaar voor schadeclaims. |
| art. 6:162 BW | Wetgeving | 25-02-2026 | Algemene grondslag voor aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. |
| art. 7:658 BW | Wetgeving | 25-02-2026 | Werkgeversaansprakelijkheid bij bedrijfsongevallen. |
| art. 185 WVW 1994 | Wetgeving | 25-02-2026 | Aansprakelijkheid bij verkeersongevallen met motorrijtuigen. |
| art. 6:98 BW | Wetgeving | 25-02-2026 | Causaal verband en toerekening van schade. |
| ECLI:NL:HR:2006:AU5684 | Rechtspraak | 2006 | Hoge Raad over de overgang van smartengeld op erfgenamen. |
| ECLI:NL:HR:2021:1534 | Rechtspraak | 2021 | Hoge Raad over de objectieve vaststelling van geestelijk letsel. |
| ECLI:NL:HR:2022:590 | Rechtspraak | 2022 | Hoge Raad over de toerekening van psychische klachten als letselschade. |